Proclamatie
Gekozen om als achttiende prins te regeren over het ganse Heikneutersrijk,
Baron van de gouden hamer en zilveren spijker
Hertog van het vergulde autostuur
Keizer van alle bouwvakkende Heikneuters
Grootvorst van de St. Jozefstraat
geeft allen de volgende elf punten ter overweging:
01. Dat alle carnavalsvierders de handen ineen moeten slaan, om op deze wijze het gebeuren tot een zeer groots feest te maken
02. Dat ook niet-Heikneuters tijdens deze dagen van harte welkom zijn en dat deze direct in de Heise familie opgenomen dienen te worden
03. Dat iedereen tijdens deze dagen achter een vol glas bier moet zitten, want er is bier genoeg voorspellen onze kasteleins
04. Dat we desondanks nog een beetje moeten denken weet je wetje
05. Dat als het dan nog uit de hand mocht lopen en we het rijbewijs mochten kwijtraken, geen slecht gezicht moeten opzetten
06. Dat ik graag zou willen zien, dat die bouwvakkers die toch nog werken, hun specie met bier aanmaken, zodat zij dan toch nog in de carnavalssfeer geraken
07. Dat eigenlijk elke werkgever tijdens deze dagen zijn bedrijf stop moet zetten, om tesamen met zijn gehele personeel carnaval te vieren
08. Dat we ook dit jaar tesamen met de raad van elf, de zieken, jeugd en bejaarden niet zullen vergeten
09. Dat niemand er spijt van moet hebben om nog eens op lekker ouderwetse manier de bloemetjes buiten te zetten
10. Dat ik hoop, dat carnaval 1975 nog grootser en plezieriger moge zijn, dan alle voorgaande jaren
11. Dat ik iedereen veel plezier toewens onder de leuze: “MAAK MIJ EN MIJN GEVOLG BLIJ, BLIJF CARNAVAL VIEREN IN DE HEI”
Gegeven in het Heikneutersrijk, februari 1975
Prins Carnaval 1975
“Jan den Eerste”